Lijst van terminals
De terminallijst (menu Uitvoer - Lijst van Terminals) geeft u een overzicht van alle terminals in de tekening. Per terminal ziet u:
- naam van de draad
- naam van de kabel
- aangesloten symbool en naam van het verbindingspunt
- rastergebied van het symbool
Voorbeeld
Voor deze verbinding:
Maakt het programma automatisch deze terminallijst aan:
De ingang van een terminal staat links, de uitgang rechts.
Klemmenstroken in de bibliotheek
De bibliotheek bevat een ruime keuze aan klemmenstroken. Gebruik de symboolzoekfunctie en zoek op "aansluit" of "klemmenstrook".
Wilt u een eigen klemmenstrook maken? Volg dan onderstaande stappen.
Uw eigen klemmenstrook tekenen
-
Teken de klemmenstrook in de symbooleditor.
- Voeg voor elke geleidende verbinding twee verbindingspunten toe (met het symbool
): een als ingang en een als uitgang. De klemmenstrook heeft dus altijd een even aantal aansluitpunten. - Voeg de verbindingspunten een voor een toe (controleer de volgorde in het Verkennerpaneel).
- Markeer het symbool als terminal: druk op
F12, selecteer het tabbladSymboolen kies bijFunctiede optieTerminal. - Sla het symbool op (
Ctrl+S) en sluit de symbooleditor (Ctrl+W). -
Plaats de klemmenstrook in de tekening, klik er met de rechtermuisknop op en selecteer
Verbindingen instellen. -
Elk paar geleidend verbonden verbindingspunten moet dezelfde naam krijgen. Markeer een aansluiting als ingang (IN) en de andere als uitgang (OUT). Dubbelklik om te wisselen tussen IN en OUT.
Voorbeeld van een klemmenstrook met vier klemmen:
- Klik met de rechtermuisknop op de klemmenstrook en selecteer
Labels opslaan. Zo worden de wijzigingen in de bibliotheek opgeslagen en hoeft u bij hergebruik geen verdere aanpassingen te doen. -
Hebt u tekst met een nummer in het symbool ingevoegd? Dan kunt u dat nummer in de tekening wijzigen. Vul in het paneel
Eigenschappen, in de groepOverig, het getal in bijStartnummer van. Ziet u dit veld niet, dan is de klemmenstrook niet als terminal gemarkeerd.